Geraldine Molema
9Feb/110

Groeten uit Kuala Lumpur

ansichtkaartDeze maand stuurde ik uit Kuala Lumpur een ansichtkaart naar tijdschrift Wordt Vervolgd...

Het is zondag in Kuala Lumpur en de familie Lin, etnische Chin-vluchtelingen uit Birma (Myanmar), loopt de koloniale Saint Johns Cathedral uit. Keyboardmuziek stroomt met hen en de andere Birmezen mee naar buiten. Ze zijn op weg naar een restaurantje waar ze oplos-chocolademelk met ijsblokjes gaan drinken.

Alleen de zevenjarige David sprint door de straat en maakt schietgeluiden. Zijn zusje Lucy huppelt er vrolijk achteraan. ‘In onze wijk spelen ze niet buiten’, verklaart moeder Veronica. ‘Je weet nooit of buren gaan klagen.’ Klachten kunnen leiden tot een onverwacht bezoek van RELA, een paramilitair corps van een half miljoen vrijwilligers. Groter dan het Maleisische leger. Het zijn slapende honden, die met of zonder huiszoekingsbevel restaurants, hotels en woonhuizen binnenvallen op jacht naar papierloze illegalen. De RELA heb je liever niet over de vloer als je hoopt dat je huis een tussenstation is naar de VS. Maleisië is een toevluchtsoord voor 83.000 Birmezen. Gevlucht voor repressie in hun thuisland.

Na de chocolademelk wandel ik met de familie naar het busstation. Veronica vist een pasje uit haar spijkerbroekzak. Haar vinger wijst naar de woorden ‘United Nations High Commission for Refugees’ en haar ogen vangen die van mij. ‘Deze pas is mijn leven.’ Ze stopt het officiële bewijs van haar vluchtelingenstatus weer diep in haar broekzak. Zonder de pas loopt ze het risico op arrestatie en deportatie naar Birma.

Toch verstart haar gezicht wanneer een donkerblauwe vrachtwagen de hoek om draait. Ze heeft haar leven op zak, maar ook te veel geruchten gehoord over de willekeur van RELA. De wagen verdwijnt, Veronica zucht. David schiet nog een onzichtbare vijand neer.

Printversie Printversie
Reacties (0) Trackbacks (0)

Nog geen reacties


Laat een reactie achter


Nog geen trackbacks.